Tabak

Opkomst

Kartonnen reclamebord "Cocktail American cigarettes 85ct.", in de vorm van tabaksblad met geopend pakje sigaretten (inventarisnr. 74825)Doorzichtig glazen fles met braakmiddel en etiket "In dit flesje zijn zes Greinen BRAAKWYNSTEEN ..." (inventarisnr. 40482)Pijp, ongemerkt van rode klei, zeer vroeg model (inventarisnr. 32765)Eikenhouten paneel uit achtergevel van huis "Virginie" (inventarisnr. 40006)Model korenmolen De Valk (Vasteland) (inventarisnr. 40754)Na de ontdekking van Amerika namen de Spanjaarden tabaksbladeren en tabakszaad mee naar huis. Vanuit Spanje verbreidde de tabaksteelt zich door Europa, evenals de gewoonte de bewerkte bladeren te roken, waaraan men naast het genot ook (soms opvallende) medicinale eigenschappen toekende. Zo moesten drenkelingen weer bij hun positieven worden gebracht met behulp van een tabaksklisteerpijp.
Eind 16e eeuw raakte het roken van tabak - waarschijnlijk via Engeland - in zwang in Nederland. De tabak kon niet alleen worden gerookt, maar ook worden gepruimd of gesnoven. De verslavende gewoonte verankerde zich diep in de samenleving. Van de kwalijke gevolgen kwam men pas in 20e eeuw hoe langer hoe meer op de hoogte, maar desondanks rookte in 2003 nog één op de drie Nederlanders.
Door de handel in koloniale kruidenierswaren kwam ook de tabak in Rotterdam. Koffie, thee en tabak zouden eeuwenlang als consumptieproduct hand in hand gaan. In de eerste helft van de 17e eeuw ontstond in de stad enige 'tabaksspinnerij'. Dit was een bescheiden huisindustrie, die tabaksbladeren tot rollen verwerkte, die tabaksverkopers vervolgens op de markt brachten.
In die tijd was de tabakshandel en -industrie echter in Amsterdam geconcentreerd. De tabaksnijverheid in Rotterdam was lange tijd van minder belang dan in Amsterdam, maar kwam na 1720 ook hier op gang. Hierna ontwikkelde de tabakshandel zich krachtig. Samen met Amsterdam was in de Maasstad de grootste tabaksmarkt van de Republiek te vinden.

Rotterdam werd in de 18e eeuw de belangrijke aan- en doorvoerhaven van Amerikaanse koloniale Virginia- en Marylandtabak, die via Schotland en Engeland aankwam. In 1753 werd hier 8,2 miljoen pond buitenlands tabaksblad ingeklaard met een waarde van 519.000 gulden. Een deel van een 18e eeuwse eikenhouten borstwering van het pand Houttuin 37-39 herinnert aan deze handel. Het is gesierd met de tekst 'Virginie'.
De Amerikaanse Vrijheidsoorlog (1775-1783) en de Vierde Engelse Oorlog (1780-1784) brachten echter een enorme terugval in Rotterdam, omdat de aanvoer stilviel. Toen de strijd was beëindigd herstelden de oude handelskanalen naar de Republiek zich, waarvan vooral Rotterdam profiteerde. Tabaksblad werd het belangrijkste exportproduct van de nieuwe Verenigde Staten. Tussentijds was in de Republiek de inlandse teelt wel sterk toegenomen.
In de tweede helft van de 18e eeuw werd de karottenmakerij voor snuiftabak in Rotterdam zeer belangrijk. Er waren minstens twaalf karottenfabriekjes en zes snuifmolens. Eén van deze molens was 'De Valk' tussen de Zalmhaven en de Westzeedijk, oorspronkelijk een korenmolen. In de 18e eeuw was hij omgebouwd tot een snuif- en runmolen. Hiervan heeft het museum een model.

Volgende: Crisis

Verhaal Bedrijven Voorwerpen Naslag
lijst info

bedrijfstakken:

zoekterm(en):